Sun and Forest Tours

suriname tours toerist
 Home
 Contact
 Adres
 Sun and Forest Teams
 Reacties

    Dagtours

 Paramaribo Stad
 Commewijne Plantages
 Jodensavanne / Blakawatra
 Brownsberg
 Handicraft  &  Colakreek
 Santigron
 Jeepsafari
 2 daagse Jeepsafari
 Districten

    Rondreizen

 5 dagen Apetina
 2 daagse Jeepsafari
 Awarradam
 Arminavallen
 Bov. sur. rivierentour
 Galibi (zeeschildpadden)
 Jaw Jaw / Botopasi
 Kassikassima
 Nickerie Bigipan
 Palumeu
 Raleighvallen / Voltzberg

    Complete T-reizen

 Algemeen
 Rotama no. 3 expeditie
 Suriname OM - nov
 Tris special no. 9 - nov
 Ranico 2 expeditie
 Tris special no. 10 - 2009
 De gidsen
 35 jaar geleden

    Suriname

 Algemeen
 Visum
 Geldzaken
 Reistips
 Lokale gewoontes
 Taalcursus Sranan

suriname tours toerist


suriname tours toerist
suriname tours toerist

www.tourgids.com
  Plaats deze pagina bij uw favorieten
De beste tour informatie

Reacties / Reisverslagen

Op donderdag was het om 08.30 uur verzamelen bij bali 19 op Schiphol, alwaar Pieter voor 3 groepen (28 personen), de Trisreis, de Rotamatour en onze reis “Suriname op z’n mooist”, het inchecken in goede banen moest leiden. Onze groep bestond uit 8 personen, 5 mensen van Texel, eentje die daar was geboren en wij met z’n tweetjes (Arie en Nel), dus het Texelgehalte was wel erg hoog.

Met Nol, Ria en Gerrie hadden we vorig jaar de Trisreis gedaan en nu werd de groep aangevuld met Ria’s broer Theo en zijn vrouw Tiny en om het familiefeestje compleet te maken ging ook de dochter van Theo en Tiny, Marion, mee, dus ook het familiegehalte was wel erg hoog. Na de kennismaking en het inchecken vertrokken we om ongeveer 13.00 uur naar Suriname, alwaar we om ongeveer 17.30 uur, plaatselijke tijd, aankwamen.

Na een redelijke vlotte afwerking, werden we door mensen van “Sun en Forest”opgevangen, onder hen was ook Venski, onze gids van vorig jaar, ook deze keer zou hij ons, op ons verzoek, meestentijds begeleiden dus de eerste stap voor een prettige vakantie was gezet. “s Avonds om 20.30 uur was het verzamelen en ging het in optocht naar ’t Vat, onderweg werd nog even een Cambio (geldwisselkantoor) aangedaan om ons in staat te stellen om tegen betaling enige Djogo’s, of natuurlijk iets anders, te nuttigen en iets te eten, daarna zijn we, niet in optocht, naar ons hotel, Eco Resort, gegaan om van een welverdiende nachtrust te genieten.

Bij onze groep werd een speciale combinatie, wat kamerindeling betreft, toegepast. Vorig jaar moest Nol, vanwege de samenstelling van zijn groepje reisgenoten, noodgedwongen, het gezelschap van zijn vrouw ’s nachts ontberen, hij deelde de kamer toen met een oud dienstmaatje. Dit is hem zo goed bevallen, dat hij deze keer de kamer deelde met zijn zwager Theo, tengevolge daarvan deelde Ria de kamer met haar hartsvriendin Gerrie en kon Marion weer terugkeren dichtbij de plek waar ze vroeger was begonnen n.l. bij haar moeder Tiny in bed. Wij sliepen, zoals we al jaren doen, bij elkaar, heel gewoon eigenlijk.

Vrijdag

Na het ontbijt zijn we 09.00 uur, met de 3 groepen, vertrokken voor de citytour en een bezoek aan het P.B.K. De vrouwen van onze groep zijn niet meegegaan naar de kazerne, hadden het vorig jaar al gezien of waren niet geïnteresseerd, voor degene die het voor de eerste keer terugzagen was het een geweldige ervaring, pure nostalgie. We werden rondgeleid door een luitenant, dezelfde als vorig jaar, die alles op een soepele manier deed. Het volgende onderdeel was de noodmarkt en vervolgens zijn we over de Van Wijdenboschbrug gereden, wat monumentale gebouwen bekeken om de citytour te eindigen met een minirondleiding in fort Zeelandia.

’s Middags hebben we Paramaribo herontdekt.
De traditie om gezamenlijk, met alle 3 de groepen, te gaan eten vond deze keer plaats bij de Braziliaan boven ‘t Vat. Na afloop van het eten hebben we in het hotel nog een afzakkertje genomen.

Zaterdag

Tot nog toe hebben we mooi weer en dat is een meevaller, want voor dat wij arriveerde was het in Suriname bijzonder slecht weer geweest. Na het ontbijt zijn we (met z’n tweetjes) eerst naar het internetcafé gegaan om het thuisfront van onze ervaringen op de hoogte te stellen.Vervolgens zijn we de highlights van Paramaribo gaan bekijken en hebben we dat op de foto en video vastgelegd. Om 0ngeveer 19.00 uur was het voor onze groep verzamelen geblazen om te gaan eten, gedurende de hele vakantie zijn we steeds met de hele groep uit eten gegaan.

Deze avond zijn we gaan eten bij Grandcafé Lindenboom, dat was hemelsbreed ongeveer 150 meter van Eco Resort verwijderd. Bij binnenkomst was te merken dat het voor onze onvolprezen Texelaren nog even wennen was want bij het zien van een wat grotere tafel werd er gezegd “daar kunnen we mooi met z’n zessen zitten”, ik heb ze uiteraard hartelijk dank gezegd voor deze poging ons hierbij te betrekken. We hebben van de 6 persoons tafel een 8 persoons tafel gemaakt, lekker gegeten en gedronken en veel gelachen. In het hotel hebben we natuurlijk nog een afzakkertje genomen.

Zondag

Vandaag zijn we om 08.00 uur vertrokken naar de Brownsberg, onderweg hebben we bij Paranam een koffiestop gemaakt, vervolgens hebben we bij de Chinees (supermarkt) in Brownsweg, bier en wijn, voor Ria sapjes, dit alles heet volgens Venski “vrolijke drankjes”, ingeslagen om te voorkomen dat we op de Brownsberg uit zouden drogen of wellicht ontwenningsverschijnselen zouden krijgen. Vanaf dit moment ben ik van mijn gewoonte, n.l. pas bier na het avondeten, afgestapt omdat Theo elke middag tussen 16.30 en 17.00 uur vaststelde dat de tijd voor een versnapering was aangebroken. Theo regelde de drank en meestal ook het inschenken, daartoe in staat gesteld door een gevulde beurs, steeds weer door ons allen bijgevuld, hij was tijdens zijn werkzame leven, samen met zijn vrouw natuurlijk, eigenaar geweest van een visrestaurant en zo te zien kon hij nog maar moeilijk afscheid nemen van het bedienings onderdeel, wij waren daar wel tevreden mee. Gelukkig was Nol in de vakantie wel klaar met zijn werkzame leven anders had hij elke keer de avond op moeten schilderen. Laat ik mezelf ook maar even meenemen, ik heb gewerkt bij Douwe Egberts en als ik dat nu nog als hobby zou hebben gehad was het koffie geworden i.p.v. “vrolijke drankjes”. Door het slechte weer van de afgelopen tijd was het nog een hele tour om met het busje Brownsberg op te komen, de weg naar boven lag vol met plassen en was spiegelglad. Wij hadden door ons relatief kleine gezelschap een kleine bus met banden met een heel grof profiel, daardoor waren we in staat boven te komen, mede natuurlijk door onze goede chauffeur. Op ongeveer 7 ½ kilometer van de top stond een bus die niet verder kon, leeg, want de passagiers waren de rest gaan lopen. Een week later lukte het ook niet met de Trisgroep, die zijn toen als alternatief naar Afoebakka (stuwdam) gegaan.

Nadat we waren aangekomen op de Brownsberg hebben we ons geïnstalleerd en daarna zijn we op weg gegaan naar de Leo-waterval, dat is wat makkelijker en korter dan naar de Irene-waterval en bovendien was het naar de laatste te glad en modderig. Na ons verfrist te hebben onder de Leo waterval begon het te regenen en dat heeft de rest van de dag en de nacht voortgeduurd en bovendien was het ’s avonds en ’s nachts behoorlijk fris. De regen hebben we van ons afgespoeld met “vrolijke drankjes”voor de inwendige mens enVenski had gelijk want de stemming werd steeds vrolijker.

Het avondeten was deze keer bereid door Venski en de chauffeur en smaakte voortreffelijk. Na de koffie zijn we verder gegaan met waar we voor het eten waren opgehouden.

Maandag

Na een voortreffelijk ontbijt zijn we naar het Mazaroniplateau gewandeld om van het mooie uitzicht te genieten, helaas werd dat onmogelijk gemaakt door de laaghangende bewolking.

Om 10.00 uur zijn we in de bus gestapt om naar Babunhol (een soort ressort) aan de Suriname rivier te vertrekken. We hadden nog een extra passagier, een jonge vrouw, met haar nichtje aan boord, zij kon na de inspanningen van de vorige dag (zij behoorde bij de groep die de 7 ½ kilometer naar de top had gelopen) bijna niet meer lopen, wij hebben haar met haar nichtje afgezet bij de bus die op haar gezelschap stond te wachten. Wij hebben daar even de benen gestrekt en zijn weer een beetje tot rust gekomen want de afdaling was toch wel een heikele onderneming, maar dankzij de stuurmanskunst van de chauffeur is alles toch redelijk probleemloos verlopen.Tijdens dit oponthoud gingen nog diverse auto’s en een klein busje naar boven, het busje dat ons naar boven passeerde werd bestuurd door Lionel, 6 jaar eerder de gids van de groep waar Nol toen mee in Suriname was.

Babunhol was vroeger eigenlijk een grote veehouderij, ze hadden 1500 koeien en werd professioneel geleid. In 1975 werd het overgedragen aan de Surinaamse regering en toen ging het langzaam steeds minder. Tijdens de binnenlandse oorlog is ook daar veel geschoten en toen is het bedrijf opgehouden te bestaan. Nu wordt een poging ondernomen om aan de rivier iets op te bouwen voor het toerisme. De gebouwtjes staan hoog boven de rivier, waar een zandstrand is opgespoten, de slaap-en eetgelegenheid is voor Surinaamse begrippen redelijk comfortabel en over de verzorging hebben we ook niets te klagen gehad.

Wij waren net uitgestapt in Babunhol toen we weer werden verrast met een fikse regenbui, maar dat duurde niet al te lang. De meeste van ons zijn lekker een beetje gaan zwemmen. Een poosje later kwam Theo en tot grote hilariteit bleek dat hij het bikinibroekje van zijn vrouw aan had, noodgedwongen want Tiny had het ingepakt, dacht dat het zijn zwembroek was. Aangezien een bikini niet geschikt is voor de mannelijke inhoud, was Theo verplicht er kuis bij te gaan zitten omdat anders wel veel zichtbaar zou zijn geworden van het spul waar een bikinibroekje nou eenmaal niet op is gebouwd.

’s Avonds hadden we barbecue op het strand met een kampvuur, alleen was het hout dusdanig nat dat het wel heel veel pogingen kosten om het vuurtje aan de gang te krijgen uiteindelijk is het gelukt dank zij de vasthoudendheid van onze eigen Nol.

Dinsdag

Na het ontbijt zijn we in de korjaal gestapt en naar Nw Lombé gevaren, een vrij groot dorp met een lagere school, we hebben het dorp bezichtigd en de school, waar bleek dat ze al 1 ½ jaar het kopieerapparaat niet konden gebruiken omdat de inktcartridge leeg was en ze een nieuwe niet konden bekostigen, wij hebben toen als groep een bedrag ter beschikking gesteld waardoor ze in staat waren een nieuwe cartridge te kopen. s’Middags zijn we weer gaan zwemmen en werden ook verwent met lekkere hapjes. De avond hebben we op de gebruikelijke manier doorgebracht.

Woensdag

Na het ontbijt hebben we een gedeelte van het terrein, van de voormalige veehouderij bekeken met o.a. het gebouwen complex, waarvan natuurlijk niet veel meer over was dan de ruïnes.

We hebben daar nog verschillende vogels gezien, o.a. een moerasbuizerd, een steenduif en aasgieren. ’s Middags zijn we weer terug gereden naar Paramaribo waar we tegen de avond aan kwamen, hebben de gebruikelijke weg bewandeld, koffers opgehaald ingecheckt, naar de kamer gegaan en de spullen voor de volgende dag in de rugzak gedeponeerd.

‘s Avonds zijn Nel en ik vast naar ’t Vat gegaan, de anderen waren naar een winkelcentrum om nog wat noodzakelijke inkopen te doen, en hebben vast wat gegeten. Om ongeveer 21.00 uur kwam de rest en die hebben ook wat te eten besteld, alleen kostte het Theo nogal wat moeite om aan zout te komen, hij heeft daar op niet mis te verstane wijze kond van gedaan tegen de serveerster die volgens hem nalatig was geweest. De rest van de avond hebben we op de gebruikelijke manier doorgebracht.

Donderdag

Na het ontbijt werden we opgehaald om met de bus naar Leonsberg te rijden om daar in de boot te stappen om aan de overkant Fort Nieuw Amsterdam te bezoeken. Na de rondleiding door het fort zijn we met de boot naar het strand, Braamspunt, gevaren aan de monding van de Surinamerivier en de Atlantische oceaan, helaas hebben we geen dolfijnen gezien. Op het strand bevindt zich een soort nederzetting van vissers, die zich daar tijdelijk hebben gehuisvest. Vervolgens zijn we, na de bezichtiging van alles wat zich op het strand bevond, via de Commewijnerivier naar Frederiksdorp gevaren, een ressort voortgekomen uit de vroegere plantage en eigendom van een oud-Trisser, en daar werd ons het plantagehuis toegewezen als ons tijdelijk verblijf.

’Bij het eten was er ook een groep toeristen van Holland International die ook bleven overnachten, zij hadden’s middags wel dolfijnen gezien. s Avonds hebben we het, noodgedwongen, nogal laat gemaakt omdat Marion op 7 maart jarig was en we de gelegenheid niet aan ons voorbij konden laten gaan om haar met een kus te feliciteren, vooral voor mij was dit een uitgelezen mogelijk, om als enig niet mannelijk familielid met een jonge dame een zoen uit te wisselen.

Vrijdag

Om 08.30 vertrokken met de boot naar het dorp Baki voor een rondleiding.

Vervolgens zijn we naar het dorp Alliance, een oude citrusplantage, gevaren. En hebben daar rondgewandeld en het dorp bezichtigd. Daarna weer met de boot vertrokken en hebben midden op de Commewijnerivier geluncht.

Na het eten werden de oogjes zwaar en zijn sommige van onze reisgenoten op de smalle bankjes gaan liggen om een uiltje te knappen. Voor Nol was het bankje te smal, hij viel er vanaf, natuurlijk heeft niemand gelachen.

Om 15.30 uur waren we terug op Frederiksdorp, te vroeg voor vrolijke drankjes, dus zijn we maar naar het dorp Margaretha gewandeld en hebben daar o.a. diverse vogels gezien. Het plaatselijk voetbalveld werd opgevuld en geëgaliseerd met een zware metalen roller, want er zou binnenkort een belangrijke wedstrijd worden gespeeld.

Het avondeten was weer erg lekker klaargemaakt door de vrouw van de oud-Trisser. Na het eten zijn weer teruggegaan naar ons plantagehuis en hebben de avond op gepaste wijze doorgebracht.

Zaterdag

Na het ontbijt zouden we naar de overkant worden gebracht met de boot van Frederiksdorp met als stuurman de zoon van de eigenaar. Onderweg naar de ontbijttafel werden we door die zoon geattendeerd op de aanwezigheid van dolfijnen, dus wij met gezwinde spoed naar de rivier en jawel daar zwommen dolfijnen rond.

Na het ontbijt zijn we naar de overkant gevaren waar het busje met Venski, hij had de nachten thuis doorgebracht, al op ons stond te wachten voor het vervoer naar Mariënburg voor de bezichtiging van de oude suikerfabriek, daarvan zijn alleen nog maar ruïnes over en het is uitkijken dat er niet iets naar beneden komt. Na de bezichtiging zijn we via Alkmaar terug gereden naar Paramaribo. Onderweg hebben we nog Roti gegeten.

Terug in het Eco-ressort konden we nog niet direct naar onze kamer, hebben we de tijd maar gedood met een paar “vrolijke drankjes”. Van het eten hebben we genoten in Grandcafé Lindenboom, omdat het een week geleden ook al zo lekker was.

Zondag

Vandaag zijn we begonnen met Gerrie te feliciteren met haar verjaardag.

We hadden een vrije dag en hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om ons te laten rondleiden op-en in Fort Zeelandia door een speciaal hiervoor deskundige gids, heel interessant en weer een stuk wijzer geworden, tegen het eind van de rondleiding begon het te regenen. Na de rondleiding zijn we, met z’n tweetjes, naar het internetcafé bij ’t Vat gegaan met de bedoeling het thuisfront over het één en ander te informeren, helaas was het internetcafé dicht en ook “t Vat, later bleek dat een groot deel van Paramaribo zonder stroom zat vanwege een van tevoren ingeplande grote onderhouds beurt van het elektriciteitsnet.

We zijn toen maar een kop koffie gaan drinken bij restaurant Zeeland, onder hotel Krasnapolski, in de Domineestraat, een terras, op een druk punt, waar normaal gesproken van alles te zien is aan voorbijgangers, helaas op zondag is er in Paramaribo weinig te beleven, en het regende voortdurend.

Om 14.00 uur zijn we toen maar terug gegaan naar het hotel, het laatste gedeelte hebben we toch maar een taxi genomen want ondanks onze paraplu’s werden we toch te nat naar onze zin. De anderen hadden ons al vaak uitgelachen omdat we regelmatig een paraplu bij ons hadden, maar ’s middags waren de heren iets eerder naar het hotel gegaan met een taxi, de dames enige tijd later lopend maar die zijn doornat geregend en willen nu ook een paraplu.

De avond hebben we op de gebruikelijke manier doorgebracht.

Maandag

De Marowijnetour stond ons vandaag te wachten, hiervoor moesten we eerst met de bus naar Albina. Deze tour was ondergebracht bij een andere touroperator. n.l Tojo-tours. Het begon al goed met een bus waarvan de airco het niet deed, dat is geen prettig vooruitzicht als je zo lang in de bus moet zitten, als reden werd er opgegeven dat alle goede bussen al bezet waren, voorwaar een goede Surinaamse verklaring. Na een kwartiertje stapte er nog een stel in, wij wisten van niets. Het was een jong, nog verliefd, stel, Steve en Mireille, hij voor een kwart Javaans ( was niet te zien) en zij Creoolse. Onze gids voor de rit naar Albina was een 20-jarige Creoolse jongen die pas zijn gidsopleiding achter de rug had, een aardige jongen die luisterde naar de naam John. Na een rit van ongeveer 4 uur kwamen we aan in Albina waar we werden opgevangen door onze gids ook John genaamd. Nadat alles ingepakt was stapten we in voor de eerste etappe van ongeveer 2 uur varen. Het was inmiddels gaan regenen dus alle wegwerp poncho’s werden te voorschijn gehaald en hebben we ons in dat omhulsel geworsteld. Na 2 uur zijn we ergens aan land gegaan en hebben we gegeten, waarna we aan de 2e etappe begonnen. Van stroomversnellingen hebben we weinig of niets waargenomen, het water stond ongeveer 1 ½ meter hoger dan normaal, en het bleef maar regenen, het werd hooguit wel eens even, ongeveer 10 minuten, droog net genoeg voor de rookverslaafden. Om ongeveer 18.30 uur gingen we aan wal bij het ressort Wadaa, onze uitvalbasis voor de komende dagen, wij zouden daar 2 overnachtingen blijven. Oorspronkelijk zouden we overnachten in Misa boo, waar we onder een afdak in hangmatten door hadden moeten brengen, we hebben het later gezien en konden ons gelukkig prijzen dat we in Wadaa mochten overnachten. De reden was dat ons jonge stel voor Wadaa had geboekt. John durfde het ons niet aan te doen om ons daarna in Misa boo af te zetten. Zo heeft elk nadeel z’n voordeel.

Er was op Wadaa zelfs een winkeltje, annex terras, waar koud bier was te verkrijgen en de eet/zitruimte was ook zeer acceptabel. Het regende nog steeds.

Dinsdag

Ook vandaag regende het veel, toch zijn we om 11.30 maar in de korjaal gestapt om een jungle wandeling te maken en een paar dorpjes te bezoeken. Onderweg hebben we nog een, door de lokale bevolking geschoten, tapir gezien.

De jungle wandeling was een ervaring op zich en het was redelijk droog.

Vervolgens zijn we gaan bekijken hoe Misa boo er uit zag en tot ons grote genoegen bleek dit niets maar dan ook echt niets voor te stellen, dus waren we met z’n allen, ondanks het slechte weer, tevreden mensen.

We zijn ook nog over de Ampoma-soela gevaren, maar daar hebben we weinig van gemerkt. Loka Loka was een dorp op een eiland, daar hebben we ook geluncht en we konden daar ook nog zwemmen, maar door het hoge water was er van het strandje praktisch niets meer over en het begon ook weer te regenen. We hebben in de plaatselijke “super” geschuild en hebben als tegemoetkoming naar de eigenaar maar wat gekocht, wat door hem dusdanig op prijs werd gesteld dat hij ons maar dubbele prijzen berekende. Terug op Wadaa bleek nog een groep te zijn gearriveerd. Terwijl de vrouwen bezig waren met hun probleempjes zijn de mannen lekker na de kroeg, het terrasje bij het winkeltje, gegaan. ’s Avonds hebben we onder het genot van een drankje alles nog even nabesproken in bijzijn van ons jonge stelletje.

Woensdag

Vandaag zijn om 09.30 uur vertrokken naar het verste punt van deze Marowijne-tour, n.l Stoelmanseiland.

We vertrokken met mooi weer, hoe is het mogelijk, zijn over de Manbari soela, de Singa tete soela en de Poligoedoe soela gevaren, bij alle soela’s was spraken van een wilde watermassa, de Poligoedoe was wel de wildste van de drie, maar veel rotsen hebben we niet gezien. Als de waterstand op normale hoogte was geweest zou het echt een spektakel eerste klas zijn geweest, maar helaas veel regen brengt automatisch een hoge waterstand, toch was het een hele ervaring. Gelukkig was het weer goed en konden we leuke opname’s maken. Onderweg hebben we ook nog het dorp Gabaka, gesticht door de Jehova getuigen, bezocht waar ook een school en een gezondheidscentrum was. Dit dorp maakte een heel verzorgde indruk op ons. Op Stoelmanseiland, het vroegere hoofdkwartier van Ronnie Brunswijk, hebben we wat huizen, gezondheidscentrum en de airstrip bekeken. Bij al onze bezoeken hadden we de indruk dat onze gids, John, zijn vrienden en familie ging bezoeken en dat wij ook meemochten.

Op de terugweg begon het weer te regenen, maar was het overvaren van de soela’s, stroomafwaarts, zo mogelijk nog sensationeler als op de heenweg. Op Wadaa aangekomen herinnerde wij ons dat het de vorige dag op het kroegterrasje wel gezellig was geweest dus was onze bestemming duidelijk. ’s Avonds is John uitgebreid aan het woord geweest over van alles en nog wat, hij probeerde ons mee te geven dat hij heel sociaal met vrouwen omging, maar door het elke keer weer grinniken van onze, mannelijke, kokki kregen we daar toch andere ideeën over. Donderdag

Het vertrek van Wadaa naar Albina had nogal wat voeten, zolang we nog aan de kant stonden, in aarde want de andere groep moest ook vertrekken en die hebben nog een tijdje op de laatste 2 moeten wachten, dus wij ook. De Surinaamse methode werd aangewend toen wij aan de beurt waren.

John vertelde ons dat het eten nog niet klaar was en dat we dus nog even op de kok moesten wachten, de rugzakken en zo lagen al bij de korjaal te wachten, maar dat ga je natuurlijk niet inpakken als het eten er nog niet is, daar begin je pas mee als alles aanwezig is. Uiteindelijk zijn we natuurlijk wel vertrokken, met mooi weer deze keer, alleen werd al snel duidelijk dat dit niet betekende dat we ook droog zouden blijven, we hadden de wind, dus ook het boegwater, tegen, later begon het ook nog te regenen, maar deze keer niet doorlopend. Op de terugweg hebben we Lange Tabbetje nog bezocht, een smal eiland van ongeveer 5 kilometer lang. Natuurlijk kwam John weer heel wat bekenden tegen.

Na deze onderbreking zijn we weer verder gevaren en het water werd door de wind steeds wilder, het leek wel of we ons op open zee bevonden, zal wel een beetje overdreven zijn, maar het ging behoorlijk te keer. Ongeveer 5 minuten, naar later bleek, verwijderd van Albina wilde John een tussen stop maken om te gaan lunchen, maar wij gaven er de voorkeur aan maar gelijk verder te varen naar Albina.

In Albina kregen we van onze kok een lekkere lunch voorgeschoteld. Wij hadden allemaal hoog water maar niemand had zin om naar de openbare toiletten te gaan, voor de mannen niet zo’n probleem, maar voor de vrouwen natuurlijk wel, ze hebben toch maar de stoute schoenen aangedaan, de broek op de enkels en hebben, verdekt opgesteld, hun plasje gedaan. Wij moesten hier ook afscheid nemen van Steve en Mireille, zij vervolgden hun avontuur met een boottocht naar het Galibistrand om schildpadden te spotten en op zondag zouden ze afreizen naar de Raleigh-vallen, misschien zouden we elkaar daar weerzien.

Volgens John had het busje er al ruim een uur moeten zijn, maar er was geen busje te bekennen. Even later vertelde hij dat hij had besloten om ons in luxe auto’s naar Paramaribo te laten rijden, over het busje werd niet meer gesproken. Er waren 2 auto’s nodig om ons, John, de kok, de koelaman en de kapitein, te kunnen vervoeren. Er werd ons verteld dat we via Moengo zouden rijden, daar zouden tanken en elkaar weer ontmoeten om daarna onze weg naar Paramaribo te vervolgen. Onze auto heeft de afslag naar Moengo niet genomen en is rechtstreeks door gereden naar Paramaribo, waar natuurlijk de anderen nog niet bij het hotel waren aangekomen, die hadden een hele tijd in Moenga, op ons, staan te wachten en kregen pas telefonisch contact toen wij al in Paramaribo waren. Wij hadden maar vast een versnapering genomen en onze koffers geregeld.

‘sAvonds hebben we het maar eenvoudig gehouden en zijn bij ‘t Vat gaan eten en gezorgd dat voor het eten het zout al hadden, dit ter geruststelling voor Theo.

Vrijdag

Vandaag hebben we een vrije dag, eerst maar even naar het internet café om het thuisfront van de broodnodige informatie te voorzien en daarna inkopen doen voor o.a. de kleinkinderen. Het was mooi weer.Op onze vrije dagen in Paramaribo gingen we altijd met z’n tweetjes op pad, ook om te voorkomen dat bij thuiskomst op schiphol de neiging zouden krijgen om met de familie af te reizen naar Texel.

Tijdens onze eerste vrije zaterdag zijn we in de Maagdenstraat nog op zoek geweest naar de voormalige Havanna bar, een druk door militairen bezochte bar in de jaren zestig, we waren toen wat later in de middag en de meeste winkels waren al gesloten dus konden we niets navragen. We hadden wel een gebouw gezien dat er voor in aanmerking kwam, dit aan de hand van een oude foto.

Vandaag een nieuwe poging ondernomen en het gebouw dat wij in gedachte hadden, bleek het, na informatie binnen, te zijn geweest. Nam Kong, goud en zilversmid, Maagdenstraat 61.

We hebben geluncht bij restaurant Zeeland in de Domineestraat en genoten van alles wat er voorbij kwam. Voor dat we gingen eten hoorde we van Theo dat hij bij een cambio euro’s had gepind met de bedoeling Surinaamse dollars te krijgen. Op de vraag hoeveel hij wilde pinnen antwoordde Theo, doe maar het maximum, hij werd toen “verblijd” met 2400 euro’s i.p.v. Srd. 2400,=. Hij heeft toen, om het risico van diefstel te spreiden, het geld gedeeltelijk bij zijn familieleden ondergebracht.

Dus eventuele Suriname gangers opgelet met pinnen en overtuig jezelf dat ze het goed begrepen hebben. ’s Avonds hebben we gegeten in Joke’s Crab restaurant, helemaal voorbij het P.B.K. op de Verlengde Gemenelandseweg. Het restaurant was helemaal leeg maar al snel kwam Walter, de kok annex ober annex eigenaar, ons begroeten en ons instrueren hoe wij voor onszelf aan de drankjes konden komen en hoe lekker en apart we wel niet konden eten.

Later op de avond vertelde hij ons dat wij vroeger Suriname hadden leeg geroofd, voor ons was toen de gezellige avond afgelopen en besloten wij maar af te rekenen. Van de rekening kregen wij de indruk dat hij revanche wilde nemen, want zo duur waren we in de verste verte nog niet, en daarna niet, uit geweest. Met 2 taxi’s zijn we teruggegaan, de ene taxi kostte Srd.15,= en de andere Srd.17,=. Theo heeft toen aan de duurste taxichauffeur even uitgelegd dat het eigenlijk helemaal niet kon.

We hebben toen in het hotel van het geld waar we te duur mee uit waren nog maar wat “vrolijke drankjes”genomen.

Zaterdag

Vandaag hebben we op onze tweede vrije dag lekker uitgeslapen, heel erg op ons gemak ontbeten, bij “t Vat, op weg naar het centrum, een tussen stop gemaakt om een bakkie koffie te drinken en vervolgens in het centrum verder gegaan met winkelen. Het was weer mooi weer, hadden we eigenlijk wel verdient.

Na het winkelen weer op pad gegaan richting hotel en onderweg in één van de restaurantjes aan de Surinamerivier nog wat gedronken en daar zag Nel een leguaan, tenminste dat denken wij, zwemmen.

In het hotel heeft Nel de koffers weer opnieuw ingedeeld en de rugzakken weer voorzien van schone voorraad voor de trip naar de Raleigh-vallen, waarnaar we de volgende dag zouden vertrekken.

‘sAvonds hebben we gegeten in ons zaterdagavond stamrestaurant Grandcafé Lindeboom.

Zondag

Vandaag om 05.30, vakantie???, opgestaan, om 06.00 uur ontbeten en om 07.00 met het busje vertrokken, inmiddels had Pieter Nijdam zich ook bij ons gezelschap aangesloten, naar het opstappunt Boskamp aan de Coppename rivier. Om ongeveer 09.00 uur zijn we daar aangekomen, daar lagen 2 korjalen op ons te wachten. Er was daar ook een gelegenheid om even uit de broek, toiletteren, te gaan, daarna koffie gedronken. Inmiddels was alle bagage in de korjalen overgebracht, en vervolgens vertrokken voor de eerste etappe.

Ondanks het mooie weer waren we binnen de kortste keren weer zeiknat van het opspattend boegwater, gelukkig was dat na kort tijd over en konden we van het goede weer genieten. Om ongeveer 12.30 uur waren we aangeland bij onze plek om te lunchen, de krakkemikkige brug bij Witagron. Over de weg naar Witagron was niet mogelijk vanwege de, door de regen, slechte weg daar naar toe.

Eten zonder borden bleek toch een te groot probleem, de borden, zo dacht men, waren achtergebleven op de korjalen die echter weg waren om bij te tanken. Toen ze weer terug waren bleek echter dat er helmaal geen borden waren meegenomen. De kinderen van onze kokkin Thea waren vergeten ze in te pakken. Venski is toen met zijn hakmes op zoek gegaan naar palmbladeren om die als bord te gebruiken, maar hij kwam met echte borden terug, had ze van de plaatselijke bevolking kunnen lenen. Al met al werd het wel een heel lange lunchpauze, maar in die tijd hebben we ons kunnen vermaken met de, enkele, auto’s die met veel moeite en op aanwijzing van de voor de auto’s lopende mensen over de brug werden geloodst. Om ongeveer 14.30 uur waren we zover om onze weg te vervolgen naar de Raleigh-vallen waar we tegen de klok van vijf arriveerden. Daar liepen we ook weer Steve en Mireille tegen het lijf. Het zag er daar allemaal prima uit. Wij hadden 4 kamers naast elkaar en de laatste 2 waren achter niet helemaal van elkaar afgesloten. Theo is na het installeren van de kamers terstond afspraken gaan maken met de lokale “kroegbaas” om zoveel mogelijk koude djogo’s voor ons vast te leggen, waar we dan ook ’s avonds aan begonnen zijn om die voorraad aan te spreken.

Voor de zekerheid hadden we zelf ook een krat meegenomen, en wijn natuurlijk, die in de box met ijs ondergebracht, dus hadden we een reserve voorraadje.

Maandag

Voor het ontbijt, ’s morgens voor zevenen, liepen we al weer op de airstrip om vogels te spotten. Vanwege de vele regen die enkele dagen terug was gevallen was het te mistig om ook maar een vogel waar te nemen. Onverrichter zaken zijn we maar weer terug gegaan om van ons ontbijt te gaan genieten. Na het ontbijt zijn we, met inmiddels mooi weer, vertrokken voor een wandeling over het Foengoe eiland, waar het ressort zich bevond, vertrokken, 3 kilometer heen en 3 kilometer terug. We hebben hele mierenburchten gezien waar het een drukte van belang was met de werkmieren die voedsel, stukjes blad, kwamen aandragen, Nel stapte nog in een hol van een gordeldier, waar bijna haar hele been in verdween. Nu zijn Nel haar benen niet zo lang, maar toch….Gelukkig goed afgelopen.

We hebben vogels gezien en een schildpad, kortom het was een leuke wandeling. Na de lunch zijn we in een korjaal gestapt en naar de overkant gebracht, bij een mooie stroomversnelling, om aan een wandeling, van 3 kwartier, naar de Moedervallen te beginnen. Het begon al gelijk met pittig stijl stuk naar boven, maar daar konden we van een mooi uitzicht genieten, vervolgens gingen we onder leiding van Gordon, een lokale gids, op pad naar de eerder genoemde Moedervallen. We waren nog maar net op pad toen we door Gordon werden geattendeerd op de aanwezigheid van wilde zwijnen en we hebben ze op video op kunnen nemen. Onderweg moesten we over dikke omgevallen bomen klimmen en kreekjes oversteken waar een paar boomstammetjes in waren gelegd zodat we konden pogen onze voeten droog te houden, dit leverde nog weleens wat hilariteit op omdat bij de meeste de lenigheid van vroeger dagen niet meer aanwezig was, maar met behulp van Gordon en Venski is het allemaal toch gelukt. Na Ongeveer 3 kwartier kwamen we bij de woeste stroomversnelling“de Moedervallen” aan en hebben op de rotsen kunnen geniet van een overweldigend uitzicht.

Na de te hebben genoten van het uitzicht en voldoende te zijn uitgerust zijn we het zelfde pad weer terug gelopen, door de korjaal weer opgepikt en weer afgezet bij ons ressort, zijn ons even gaan verfrissen en hebben Theo vast op pad gestuurd om de nodige verfrissingen te verzamelen.

Dinsdag

Om 7.30 uur hebben we ontbeten, daarna zijn we, onder leiding van Gordon en Venski, met Marion,Theo,Nol, Arie en Nel, met de korjaal ongeveer 5 minuten verderop afgezet en kon onze, 7 kilometer lange, wandeling naar het plateau van de Voltzberg beginnen. Tiny, Ria en Gerrie gaven er de voorkeur aan in het ressort te blijven. Een pittige wandeling door de jungle met zo nu en dan wat pittige klimmetjes, we hadden brood en een behoorlijke voorraad water meegenomen. De gebruikelijke kreekjes moesten weer overgestoken worden en het was belangrijk om de voeten zo lang mogelijk droog te houden, dat lukte aardig. Na ongeveer 3 uur kwamen we aan op het plateau, Marion en Pieter gingen onder begeleiding van Gordon verder om de Voltzberg te beklimmen, een half uur lopen naar de voet van de berg, een half uur om de berg te beklimmen en daarna weer terug naar het plateau om van daaruit weer 3 uur terug te lopen door de jungle.

Ze hebben het gehaald, Marion moest enkele malen vaderlijk worden toegesproken door Pieter om te bewerkstelling dat ze onderweg niet zou stoppen. In de tussen tijd hebben wij uitgerust en gegeten. Om de voetjes wat rust te geven hebben we de schoenen maar uitgedaan. Nu moet ik eerst een verhaal kwijt over Theo. Hij werd erg verwend door zijn vrouw, zichzelf insmeren hoefde hij niet te doen, dat werd door Tiny gedaan en anders wel door zijn dochter, ook werd hij nog wel eens bijgestaan om, d.m.v. opbrengen van citron, zijn muggenbulten van jeuk te ontdoen, nadat hij zijn schoenen had uitgedaan bleek dat Tiny voorzorgsmaatregelen had genomen om te voorkomen dat hij zijn sokken verkeerd aan zou doen, er was n.l. in geborduurd, d.m.v. een L en een R, wat links en rechts was. Hoe zorgzaam…….

We zijn ook nog iets verderop naar een trekkershut voor vogelaars geweest.

Na terugkomst van onze matadoren hebben zij een half uurtje uitgerust van de toch niet minne inspanningen en daarna zijn we aan de terug tocht begonnen. Na onze inspanne

nde terugtocht, hoe langer het duurde hoe zwaarder het werd, konden we een poosje uitrusten, en wachten op de korjaal, bij de Anjoemara waterval, van daaruit was het nog ongeveer 10 minuten terug naar het punt waar we door de korjaal werden opgepikt. Na te zijn teruggekeerd hebben we ons eerst lekker gedoucht en de, smerige, grappa van ons lichaam gepoetst, volgens Venski was dat het beste middel om te voorkomen dat we onder de teken zouden komen te zitten. Vervolgens waren we wel aan een versnapering toe, maar het zitten was, door alle inspanningen, meer hangen dan echt zitten, maar dat is eigenlijk wel logisch na een wandeling van 14 km, en voor onze bergbeklimmers nog meer.

Venski had in de voorgaande maanden een cursus massage gevolgd en wilde dat tijdens onze Raleigh-tour wel eens in de praktijk toepassen en heeft toen voorgesteld om Nel en Marion een massage te geven, waarschijnlijk Nel omdat ze niet zo groot is (snel klaar met masseren) en Marion omdat ze jong is. Beide dames hadden hier wel oren naar en hadden verwacht dat Venski de massage uit zou voeren in de gemeenschappelijke ruimte, Venski echter, wilde dat, logischer wijs, in alle rust doen en stelde voor om dat op de slaapkamer te doen. Nel had daar geen bezwaar tegen maar Marion schrok daar toch wel voor terug, Tiny heeft zich toen, geheel belangeloos, beschikbaar gesteld als chaperonne waardoor Marion, gerustgesteld, de door haar gewenste massage kon ondergaan. Beide dames waren na afloop zeer tevreden over Venski en zijn massage.

’s Avonds hadden we dansi, dansi, verzorgd door het ter plaatse verblijvende personeel van het ressort. We waren bijtijds aanwezig om over een zitplaats te kunnen beschikken en Theo had nog ruimschoots de gelegenheid koude djogo’s te kunnen reserveren, er waren er 5. Dat was weer aardig op z’n Surinaams geregeld, komen er een stel mensen en heb je 5 liter bier. Toen de dansi dansi begon, kwam er een stel binnen, waarvan de man de koelkast in dook en één van de, door Theo geconfisqueerde djogo’s, pakte, geef hem eens ongelijk, later heeft hij dat nogmaals gedaan.

De dansi dansi was gezellig maar duurde niet zo lang. Na afloop heeft Theo de kroegbaas nog maar eens nadrukkelijk op het hart gedrukt dat er van zijn drank voorziening helemaal niets klopte. De kroegbaas leek niet erg onder de indruk.

Woensdag

Vanochtend maar weer vroeg opgestaan in een nieuwe poging om vogels te spotten op de airstrip en deze keer lukte het. Na het vogeltjes bekijken en op foto en video zetten was het tijd om van ons laatste ontbijt op het ressort bij de Raleigh-vallen te genieten, daarna de rugzakken weer ingepakt, een beetje bij de rivier zitten, genieten van de natuur en nog wat opname’s gemaakt.

Om ongeveer 14.30 hebben we alle bagage naar de airstrip gesleept want om 15.00 uur zouden we terugvliegen naar Paramaribo, het werd iets later. Er waren nog meer passagiers die terug moesten vliegen, o.a. Steve en Mireille, en hun vliegtuig hebben we ook zien landen Even later landde ook ons vliegtuig, die bracht weer een nieuwe groep, dus er moest veel worden uitgeladen. Onze kroegbaas werd ook weer voorzien van nieuwe voorraad en het was een lust voor het oog om hem nu zo hard te zien werken.

We hebben Theo nog gevraagd of hij nog afscheid van zijn vriend moest nemen, maar dat had hij, volgens zijn zeggen de avond daarvoor al gedaan. Om ongeveer 15.30 uur is het andere vliegtuig vertrokken. Niet lang daarna zijn wij ook vertrokken. Tegen 16.30 uur zijn we op het vliegveld “Zorg en Hoop” geland na een voorspoedige vlucht, vervolgens naar het hotel gebracht en de rest van de dag hebben we op de gebruikelijke manier met z’n achten doorgebracht.

Donderdag

We waren toe aan wat rust en met een vooruitziende blik hadden we daarvoor, al maanden geleden, geboekt voor “Plantation Waterland” een voormalige, de naam zegt het al, plantage aan de Suriname rivier ongeveer 6 kilometer voorbij Domburg. Onderweg hebben we bij een supermarkt nog wat “vrolijke drankjes” ingeslagen en zijn toen naar Domburg gereden, want daar moest het eten voor de lunch worden klaargemaakt. Tijdens het wachten hebben we de directe omgeving wat bekeken en o.a ook op de aanlegsteiger gestaan, daar kwam op dat moment een bootje aan uit Paramaribo en op de voorplecht stond, tot Nol zijn grote genoegen, zijn vroegere buurmeisje en ook haar man kwam te voorschijn en dat bleek de huidige beheerder van een sporthal op Texel te zijn, het al grote contingent Texelaren werd dus nog uitgebreid, gelukkig, voor ons, was er niet veel gelegenheid om een boom op te zetten over Texel, maar dat werd later gedeeltelijk goedgemaakt door de aanwezigheid van een Nederlandse visser die op het terras zat waar wij koffie gingen drinken. Deze visser woonde al 15 jaar in Suriname en had in zijn Nederlandse tijd geopereerd vanuit Den Helder. Even later kwam er nog een andere Nederlander bijzitten die eigenaar was van verschillende vissersboten en een visverwerkingsbedrijf. De namen van visserschepen vlogen over tafel, “De Texel 35” of zo iets en nog veel meer. Volgens Nol was er nog een schip bij wat hij had geschilderd.

Ook dit gedeeltelijke Telxelse intermezzo hebben we weten te overleven. Op Waterland aan gekomen was het even afwachten waar we werden ondergebracht, dat bleek in een zo goed als nieuw huis met grote veranda’s, een hele grote keuken annex zitgedeelte, 3 ruime slaapkamers, 2 tweepersoons en 1 vierpersoons, en een algemene douche en toilet ruimte. Hier doemde een probleem op, in de vierpersoonskamer waren 2 éénpersoons, vrijstaande bedden en een stapelbed. Tiny stelde voor om met 4 vrouwen, Nel sliep met mij in de “masterroom”, in de vierpersoonskamer te gaan slapen.

Een op het oog logische oplossing, zo niet in de ogen van Ria. Zij deelde, op de haar zo eigen charmante wijze, mee dat ze daar niet aan begon, want dan werd ze wakker gemaakt als de nachtbrakers naar bed gingen, alleen als wij om 22.00 uur naar bed gingen zou ze daarmee akkoord gaan. Dit konden wij ons, vanwege mogelijke ontwenningsverschijnselen, niet veroorloven. Na een indringend gesprek tussen broer en zuster, Theo en Ria, bleek Ria een standvastig vrouwtje te zijn, vervolgens heeft Theo dan maar aan de beheerster, op niet mis te verstane wijze, medegedeeld dat een vierpersoonskamer eigenlijk helemaal niet kon. Intussen probeerde een medewerker van Waterland de gordijnen open te doen, bij deze poging kwam de hele boel, inclusief de niet vastzittende roe, naar beneden, de “masterroom” bleek het zelfde euvel te hebben. Na wat andere mogelijkheden van kamerindeling te hebben overwogen stelde Tiny voor om met Nol, Theo en Marion op de vierpersoonskamer te gaan slapen, want dat was allemaal familie van elkaar dus de beste oplossing.

Hiermee ging iedereen akkoord, dus werd er overgegaan met het brengen van de bagage naar de respectievelijke kamers, daarna werd de homogeniteit van de groep, onder het genot van een drankje, bevestigd. Inmiddels was ook Pieter gearriveerd. Zittende op de veranda ontdekte we in een boom op korte afstand een luiaard. Na genoten te hebben van een lekkere, door kokkin Thea bereidde, maaltijd, hebben we de avond op de veranda op de gebruikelijke wijze doorgebracht.

’s Nachts bleek het bovenste bed van het stapelbed evenwichtsproblemen te hebben en leek het Marion verstandiger om in de zitruimte op de bank de verdere nacht door te brengen.

Vrijdag

We hadden weer prachtig weer en zijn na het ontbijt gaan zwemmen in de Suriname rivier en daarna op één van de ligbedden lekker gaan luieren of een boekje te lezen. Pieter was inmiddels weer vertrokken voor één van zijn vele afspraken. Venski stelde voor om na de lunch een busje te huren en naar een botanische tuin in de omgeving van Domburg te gaan. Hier kon iedereen zich in vinden, helaas was de eigenaar van de botanische tuin niet aanwezig, zijn we maar verder gegaan na Domburg en hebben daar een bootje gehuurd, zijn eerst, om aan Nol zijn nostalgische vissershart te voldoen, een paar vissersboten van dichtbij gaan bekijken. Er was nog een roestige boot bij waarvan Nol veronderstelde dat hij het schip in het verleden nog had opgeschilderd, mij ontging waarom hij daar zo trots op was. Vervolgens zijn we naar de overkant gevaren naar het dorpje Laarwijk en hebben daar onder de deskundige leiding van Venski een wandeling door het dorp gemaakt, en zijn vervolgens weer teruggereden naar Waterland. Daar aangekomen hebben we gezien dat een groot zeeschip de Suriname rivier op kwam varen en even voorbij onze verblijfplaats in de Suriname rivier voor anker ging.

Tijdens het avondeten werden we door Thea verrast met heerlijke balletjes gehakt, die we als extra kregen naast de kip. ’s Avonds hebben we gezamenlijk weer van koffie en een drankje genoten. Tiny en Marion hadden voor deze nacht hun matras maar in de zitruimte gedeponeerd in een poging om lekker te kunnen slapen.

Zaterdag

Gisteren was het Goede Vrijddag, vandaag is het Holi Pagwa (een Hindoestaans feest), morgen en maandag 1ste en 2e Paasdag, allemaal vrije dagen in Suriname, dus ook geen winkels open (op zondag natuurlijk nooit) behoudens een enkele Chinees. Vandaag gaan wij weer terug naar Paramaribo. Het is wederom mooi weer dus we kunnen weer op grote schaal genieten. Iedereen luiert maar een beetje en sommige doen verwoede pogingen een reeds begonnen boek uit te lezen. Na de lunch worden we om ongeveer 14.00 uur opgehaald door ons busje. Venski stelt voor om nog een poging te wagen de botanische tuin te bezoeken ( gaat wel van ze eigen vrije tijd af !!!), dus op pad naar de botanische tuin. Deze keer is er wel iemand aanwezig en we worden hartelijk ontvangen door een Nederlandse man, zijn Surinaamse vrouw en dochter.

Hij is graag bereid ons een rondleiding te geven door zijn, nog niet geheel voltooide, tuin. De rondleiding gaat gepaard met veel uitleg en na afloop worden we ook nog getrakteerd op een sapje. Het geheel was wel een vrijwillige bijdrage waard. Om ongeveer 16.00 uur zijn we weer in ons hotel afgeleverd, alwaar het ritueel van inchecken en koffers ophalen weer kan beginnen. Hier moet even bij vermeld worden dat we elke keer prima geholpen werden bij de receptie.

Na een versnapering zijn we naar de kamer gegaan om Waterland van ons af te spoelen en ons klaar te maken voor de laatste keer Grandcafé Lindenboom, ons zaterdagavond stamrestaurant, alle 4 de zaterdagavonden die we in Suriname verbleven zijn we daar gaan eten. Na afloop nog een afzakkertje genomen in het hotel.

Zondag

Voor vandaag hebben we een busje, met chauffeur gehuurd, om naar de Burger Colakreek te gaan, dit op voorstel van Marion (al aan het begin van de vakantie). Voor we naar de Colakreek gingen zijn we eerst nog even naar het monument gaan kijken wat daar door de Suriprofs is geplaatst n.a.v. het neerstorten van een slm-toestel, waar veel mensen, waaronder suriprofs zijn omgekomen. In 1963 was ik al een keer in de burger colakreek geweest, maar toen was het veel kleinschaliger. Nu is het een groot complex geworden met ook veel meer waterpartijen. Al met al een leuke ervaring.

Op de terugweg zijn we nog bij 2 gelegenheden voor houtsnijwerk langsgegaan en hebben ons daar ook wat aangeschaft. Het koffie terras zijn we helaas voorbij gereden omdat de chauffeur dat gemist had bij het verzoek van enige dames om ook langs te gaan bij een grote Chinese supermarkt waar ook kleding werd verkocht. ‘sAvonds zijn we gaan eten bij De Waag, waar ook nog een band zat te spelen. De Waag zou echter om 19.00 uur sluiten vanwege 1e paasdag en had om dezelfde reden maar één menu op het programma.

De muziek werd gaandeweg leuker toen ze Surinaamse muziek gingen spelen, maar helaas was dat om even over zevenen afgelopen. Er waren intussen aardig wat mensen binnen komen lopen en daarom heeft men maar Surinaams gereageerd en zijn gewoon door gegaan. Het gebruikelijke afzakkertje werd weer in ons hotel geconsumeerd.

Maandag

Vandaag onze laatste volle dag in Suriname. Om te beginnen hebben we lekker uitgeslapen, vervolgens op ons dooie gemak ontbeten en daarna bij het internet de laatste mailtjes naar het thuisfront verzonden, een lekker bakkie koffie gedronken bij ’t Vat en toen het centrum van Paramaribo maar weer ingetrokken. Er waren links en rechts nog wat Chinezen open, dus we konden ook nog een klein beetje winkelen. Bij restaurant Zeeland nog wat gedronken en gegeten en toen weer langs de waterkant terug gelopen richting ons hotel. Onderweg hebben we nog een terrasje aan de Suriname rivier bezocht en daar wat gedronken. Om 15.00 uur weer aangekomen bij ons hotel. Nel is toen de koffers in gaan pakken voor het vertrek de volgende dag.

Ik ben op het balkon verder gegaan in mijn boek, zodat Nel zich ongestoord met de koffers bezig kon houden. ‘s Avonds zijn we gaan we gaan eten bij de Hindoestaan en na afloop met paar mensen nog een afzakkertje genomen in het hotel. Enkelen van onze groep dachten dat ze bijtijds naar bed moesten, want ze wilde de volgende dag al vroeg in het centrum zijn om snel nog wat inkopen te doen.

Dinsdag

Echt de laatste dag in Suriname. We zijn nog maar eens het centrum ingetrokken, nog wat winkeltjes bezocht en weer terecht gekomen bij restaurant Zeeland. Daar zaten ook Theo, Tiny en Marion, die hadden het winkelen opgegeven, maar Gerrie en Ria waren nog volop bezig en hadden Nol meegenomen om hem nog een paar keer geld te laten pinnen, zodat deze koop matadoren ongestoord bezig konden blijven met hun hobby “ k o p e n “ . In ’t Vat hebben nog wat gegeten en zijn daarna terug gegaan naar ons hotel om het tijdstip van vertrek af te wachten, dat was om 14.45 uur aangebroken.

Om 16.00 uur kwamen we bij het vliegveld aan, waren snel klaar met inchecken en de controles’s waarna het wachten was op het boarding. Ik had eigenlijk verwacht dat er een airbus 380 op ons stond te wachten vanwege de grote hoeveelheid hand bagage die vooral Gerrie en Ria bij zich hadden. Het bleek toch een Boeing 747 te zijn en ze zijn er in geslaagd alles in het vliegtuig te proppen. Na een voorspoedige vlucht landden we om 09.30 uur op Schiphol, waar de ellende begon om overal doorheen te komen (dit viel eigenlijk nog mee) en de koffers te bemachtigen ( dat viel niet mee). Om ongeveer 12.00 uur konden we de aankomsthal verlaten en ons naar de balie van de Schiphol taxi begeven. Daar hebben we een half uurtje moeten wachten en zijn toen naar huis vertrokken waar we om ongeveer 13.30 uur aankwamen.

Conclusie.

Het was weer een leuke vakantie. We hadden een leuke groep waar alles naar wens is verlopen. De eerste 1 ½ week hebben we toch wel behoorlijk veel regen gehad, maar de rest van de vakantie was het over het algemeen mooi weer.

Het was jammer van de Marowijne-tour dat het water zo hoog stond en wij daardoor de schoonheid van de soela’s hebben moeten missen, maar daar kon natuurlijk niemand wat aan doen. Als de indruk is ontstaan dat Theo een lastig mannetje was wil ik dat bij deze tegenspreken want het was een prima vent om mee om te geen, alleen kon hij nog wel eens fel, maar wel correct, reageren als hij dacht onredelijk te zijn behandeld en daar kun je als schrijver van een reisverslag natuurlijk wel wat mee. De voorbereiding naar de vakantie was door Pieter weer goed verzorgd en in Suriname kwamen we steeds meer tot de ontdekking dat “Sun & Forest” toch wel een heel betrouwbare reisorganisatie is. Het eten op de tours was een stuk beter als vorig jaar. We hebben zelfs een keer gebakken aardappels met een varkenslapje voorgeschoteld gekregen.

Ik wil dit reisverslag eindigen met dankzegging aan Venski, onze gids, die er in sterke mate aan heeft bijgedragen om deze vakantie bijzonder geslaagd te kunnen noemen.

Arie Rietveld
2e pel. C-comp.
1962-1963







suriname . NU  naar boven



©  Sun & Forest Tours Suriname N.V.   




The best Suriname tour experience money can give you
www.tourgids.com

tour suriname sun and forest  De beste tour informatie




suriname tours toerist




suriname tours toerist